Grijswitte, golvende consolevormige hoed (5 - 20 mm breed) met harig, soms wat rimpelig oppervlak.
Aan de onderzijde kleine ronde, witte poriën, later wat oranjerozeachtig verkleurend. Ook bij druk of beschadiging kleuren de poriën oranje. Sporee wit.
Groeit op hout van naaldbomen op zandige bodem, vooral van dennen, en kan het hele jaar door gevonden worden.
Smaakt bitter.
Fam.: Polyporaceae
NIet eetbaar.

Tekst |
Fotografie |
Pictogrammen |
Website |
| José Langens | José Langens | Mark Wijnmaalen | Lisette Langens |
| Mark Wijnmaalen | Edwin Steenwinkel | ||
| Lisette Langens | |||
| Jac Smout | |||
| Ger Bogaers |