Grijsbruine, uitgesprijde, wat ingedeukte hoed (Ø 1-9 cm), later zwartwordend. niet gestreept en niet hygrofaan.
Lamellen bleek grijsbruin, dicht opeen, aflopend. Sporee roze.
Steel recht, gekleurd als de hoed, tot 4 cm lang.
Ruikt wat onaangenaam ranzig of melig, smaakt bitter.
Groeit op kalkhoudende bodem op graslanden in de duinen (augustus-december). Vrij zeldzaam.
Fam.: Entolomataceae.

Tekst |
Fotografie |
Pictogrammen |
Website |
| José Langens | José Langens | Mark Wijnmaalen | Lisette Langens |
| Mark Wijnmaalen | Edwin Steenwinkel | ||
| Lisette Langens | |||
| Jac Smout | |||
| Ger Bogaers |