Rozebruin, uitgespreid tot ingedeukt hoedje (Ø tot 2,5 cm), zwak doorschijnend gestreept, met gekartelde rand.
Lamellen wittig tot rozig, vrij ver uiteen, aflopend, met tussenplaatjes. Sporee wit.
Steel recht, wat bleker dan de hoed, aan de voet wollig.
Groeit tussen Duinsterretje in de grijze duinen (oktober - februari). Matig algemeen.
Er bestaan 2 variaties van deze soort, de meer oranjeroze Omphalina galericolor var. galericolor en de meer lilakleurige Omphalina galericolor var. lilcinicolor.
Fam.: Trocholomataceae.

Tekst |
Fotografie |
Pictogrammen |
Website |
| José Langens | José Langens | Mark Wijnmaalen | Lisette Langens |
| Mark Wijnmaalen | Edwin Steenwinkel | ||
| Lisette Langens | |||
| Jac Smout | |||
| Ger Bogaers |