Bloemen zonder spoor, in een armbloemige aar, met fluweelachtige, bruine onderlip met een blauwachtige vlek. Buitenste dekbladen uitgespreid en zacht geelgroen.
Stengel rechtop, onvertakt, 20 tot 50 cm hoog.
Bladeren onderaan de stengel, langwerpig ovaal, met gave rand.
Groeit op kalkrijke graslanden. Bloeitijd mei-juni.
Overal zeldzaam tot zeer zeldzaam. Komt in Nederland alleen in Zuid-Limburg voor. Wettelijk beschermd in België.
Fam.: Orchidaceae (Orchideeënfamilie)
(Foto: Ivar Leidus, CC BY-SA 4.0 <https://creativecommons.org/licenses/by-sa/4.0>, via Wikimedia Commons, cropped)
Wetenswaardigheden
De bloem scheidt geurstoffen af die naar vrouwelijke wespen en insecten ruiken, waardoor mannetjesinsecten worden gelokt. Wanneer het mannetjesinsect, om de tuin geleid door het uiterlijk en de geur, op de bloem landt, plakt de orchis twee stuifmeelklompjes op zijn voorhoofd. Deze zullen bij de volgende bloem, dat door het mannetjesinsect wordt bezocht, op de stamper blijven plakken.

Tekst |
Fotografie |
Pictogrammen |
Website |
| José Langens | José Langens | Mark Wijnmaalen | Lisette Langens |
| Mark Wijnmaalen | Edwin Steenwinkel | ||
| Lisette Langens | |||
| Jac Smout | |||
| Ger Bogaers |